Vijf keer meer bedrijven vallen onder nieuwe richtlijn voor duurzaamheidsrapportage

28 april 2021 duurzaamheid

Op 21 april 2021 werd de nieuwe EU-richtlijn voor duurzaamheidsrapportering voorgesteld. Het doel is dat bedrijven meer gerichte, betrouwbare en gemakkelijk toegankelijke informatie delen als basis voor duurzame besluitvorming. Het aantal bedrijven voor wie de richtlijn van toepassing neemt ook sterk toe, er is zelfs sprake van een vervijfvoudiging van de rapporteringsplichtige ondernemingen! De richtlijn draagt nu ook de naam corporate sustainability reporting directive (CSRD) in plaats van non-financial reporting directive (NFRD). Veel van de ESG-kwesties die momenteel onder de NFRD vallen hebben wel degelijk een financiële impact, zo vond ook de Europese Commissie. De term non-financial is dus niet meer van toepassing.

Uitbreiding van het toepassingsgebied

Het CSRD-voorstel breidt het toepassingsgebied van het regime uit naar alle grote (al dan niet beursgenoteerde) ondernemingen en alle beursgenoteerde ondernemingen, met uitzondering van beursgenoteerde micro-ondernemingen. Met "grote ondernemingen" worden in dit verband ondernemingen bedoeld die meer dan twee van de drie volgende criteria overschrijden: een balanstotaal van EUR 20 miljoen; netto-omzet van EUR 40 miljoen; en een gemiddeld aantal werknemers gedurende het boekjaar van meer dan 250.

Het aantal bedrijven dat voortaan een duurzaamheidsverslag moet opmaken vervijfvoudigd.

Dit betekent dat bijna 50.000 bedrijven in de EU nu gedetailleerde EU-normen voor duurzaamheidsverslaggeving moeten volgen, vergeleken met 11.000 bedrijven onder het huidige regime. Het voorgestelde uitgebreide toepassingsgebied van de CSRD is nodig om meer bedrijven te engageren die een aanzienlijke impact hebben op het milieu en de samenleving. In overeenstemming met de uitbreiding van het toepassingsgebied wordt ook werk gemaakt van Europese normen voor duurzaamheidsrapportage om te voldoen aan het ambitieuze tijdschema van de EU in dit verband (o.a. klimaatdoelstellingen 2030 en 2050).

Integratie met andere verplichtingen

Daarnaast moeten vermogensbeheerders en financiële adviseurs vanaf maart rapporteren over een breed scala aan duurzaamheidsvraagstukken onder nieuwe vereisten in de Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR). De taxonomieverordening vereist ook dat bedrijven en financiële instellingen die onder de NFRD vallen, vanaf 1 januari 2022 rapporteren over hoe (en in welke mate) hun activiteiten zijn afgestemd op de EU-taxonomie.

De nieuwe CSR-richtlijn en de ontwikkeling van doelgroep-specifieke normen moet ervoor zorgen dat al deze verplichtingen in de toekomst beter op elkaar afgestemd zijn. Bovendien moet dit alles ook ingepast worden binnen de ambities van de Green Deal. Een behoorlijke uitdaging in handen van de European Financial Reporting Advisory Group (EFRAG).

Vereenvoudigde standaard voor kmo's

Voor KMO’s wordt wellicht een vrijwillige rapportagestandaard ontwikkeld, waarbij de nodige inspanningen proportioneel zijn aan de grootte van de onderneming. Wanneer de bedrijven hier slim mee omgaan kunnen ze er zelfs voor zorgen dat hun administratieve lasten verminderen. Ze kunnen dan beter tegemoet komen aan de informatiebehoeften van financiële instellingen en bedrijven die zélf duurzaamheidsgegevens nodig hebben voor hun interne doelstellingen. Dit is wat vandaag al gebeurd door heel wat multinationals. Ze gaan hun eigen supply chain sensibiliseren en eisen dat ook toeleveranciers oog hebben voor duurzaamheid en hun voorbeeld volgen. KMO’s die hierin proactief te werk gaan zullen de komende jaren een concurrentieel voordeel opbouwen. 

Meer vertrouwen bij rapportering door een onafhankelijke partner

Verschillende stakeholders geven aan dat een onafhankelijke partner voor duurzaamheidsrapportage nodig is om de geloofwaardigheid te verhogen. De Europese Commissie stelt dan ook voor om een extra ‘zekerheid’ in te voeren onder vorm van een algemene audit-vereiste. Dit moet er voor zorgen dat de gerapporteerde duurzaamheidsinformatie accuraat en betrouwbaar is. Veel bedrijven zullen hierdoor in toenemende mate beroep doen op een onafhankelijke derde partij om de duurzaamheidsinformatie te verzamelen, evalueren en rapporteren.